Wij hebben het bewijs !

Er zijn Aliens onder ons !

Groot was onze verbazing toen opeens dit figuurtje onder ogen kregen. Het was bruinachtig van kleur en stond gewoon tussen onze planten in de keuken.

Natuurlijk, tegen dat we een fototoestel in aanslag kregen, konden we alleen nog dit op gevoelige plaat vast leggen :

© stippy

 

© stippy

Aangezien wij al vaak naar SF-films hebben gekeken, wisten we dat het uitdagen geen optie was.  Daarom zijn we gewoon weer weggegaan en hebben het aan onze katten overgelaten. We hebben het in elk geval nooit meer terug gezien. 😉

Advertenties

Terug samen.

Alexandria weet nu hoe het komt dat zo altijd dicht bij de deur wil slapen. Waarom ze soms van hele perioden geen herinneringen heeft. Ze is er bijna, na al die lange jaren. Nu nog een kleine weg te gaan …

Het gebeurde voor de eerste keer ’s avonds, heel lang geleden. Ze ontmoette iemand in haar hoofd. Ze lag in haar bed, nog niet in slaap maar ook niet meer helemaal wakker. De ruimte waar ze was, is best te beschrijven als een grote kamer met 1 lamp in het midden. Er vertoeven meerdere personen, jong en oud, maar ze zijn niet duidelijk zichtbaar. Je voelt hun aanwezigheid meer dan dat je ze kan zien. Het voelde alsof ze er al was geweest, maar kon zich niet herinneren in welk huis dat zou geweest zijn. Het kind was ongeveer 6 en was heel bang. Ze vroeg of ik haar wilde beschermen. Ik sloeg mijn armen rond haar en voelde haar rillen. Ik dacht : wat een vreemd kind. Ik voelde haar angst alsof het de mijne was. Zo zijn ze samen in slaap gevallen.

Een lange tijd later ‘zag’ ze weer iemand. Ze zei dat ze Alex was,  dat ze 15 jaar was en altijd voor mij gezorgd had en dat ik moest doen wat zij zei. Alex was een koele kikker, geen emoties, geen gevoelens. Ze voelde mijn gedachten en zei dat het de enige manier was om iedereen te laten overleven. Daarom was ze er. Ze begreep er niets van. Wat is hier gaande ? Het moest een droom zijn.

Alexandra had al altijd geweten dat ze niet was zoals de anderen, maar ze kon er haar vinger niet op leggen. Soms kwamen mensen op haar af, vol enthousiasme vertellend over de leuke tijd die ze samen hebben gehad, terwijl ze zeker wist dat ze niet mensen nog nooit had gezien. Ze speelde het spelletje dan mee in de veronderstelling dat die mensen haar voor iemand anders aanzagen. Kan gebeuren, niet ? Of die keer dat ze naar school ging om te horen dat ze in een andere school was ingeschreven. Daar aangekomen bleek ze een hele schare vriendinnen te hebben. Strange. Hoe kon ze zoiets vergeten ? Van haar prille jeugd wist ze niets meer. Het was alsof ze geboren was op 7-jarige leeftijd. De foto’s van haar eerste communie zeiden haar niets. Het was alsof er iemand anders op stond. Zo waren er nog meer foto’s waar ze geen herinnering van had. Je kan je toch niet àlles herinneren, hé. Haar familie had haar verteld dat ze als kind heel lief was, maar soms van het een op het ander moment een heel ander karakter kon krijgen. Elk kind heeft kuren, toch ?

Op een nacht kreeg ze ‘bezoek’ van een kind die niet kon ophouden met wenen. Opnieuw voelde ze het verdriet en begon ook te huilen. Ze nam het kind in haar armen begon over haar korte haren te wrijven en ondertussen te neuriën.  Daar vonden ze samen troost in.

Ze was rond de 20 toen haar vriendin, die ouder was dan haar, er bij haar op aandrong om samen naar een film* te kijken. Het verwonderde haar want haar vriendin was geen liefhebber van films. Maar ze had al zoveel van haar geleerd en was graag in haar gezelschap, dus waarom niet. Ze vond het vreemd dat haar vriendin meer naar haar zat te kijken dan naar de film. Tijdens het kijken viel het haar op dat er gelijkenissen met haar eigen ervaringen in zaten. Misschien daarom dat die vriendin zo aandrong ? Na het bekijken wilde de vriendin niet over de film praten. ‘Ze zou het zelf moeten uitvinden.’ Alexandra was zo in de ban van het gegeven, dat ze ook het boek gelezen had. Daarin zaten nog meer elementen die haar vertrouwd over kwamen.

Die nacht had ze weer zo’n rare ‘droom’, zoals ze in de loop der jaren al zoveel had gehad. Ze leerde opnieuw iemand kennen. Tussen waken en slapen kwam Alexis. Ze was iets jonger dan haar. Alexis vertelde me dat ze er samen met Alex gekomen was. Ik vroeg : ‘Gekomen ? Waar gekomen ? Hoe ? Wie zijn jullie ?’ Alexis was zoals ik had willen zijn : geduldig, lief en o zo mooi. Heel anders dan ik met mijn scherpe neus en piekhaar. Zij was rank met mooie borsten en dik, krukkend blond haar. We waren aan het praten toen ze plots zei dat we weg moesten. Alex moest eerst iets doen, maar we zouden zeker nog veel praten en dan zou ze me alles uitleggen. Ik was er nu klaar voor … Ze begreep er niets van en viel in slaap.

De volgende nacht droomde ze opnieuw. Van Alexis kreeg ze antwoorden. Van haar kwam ze te weten dat ze met velen waren. Alexa zei dat wie ‘in het licht’ was, controle over ‘het’ lichaam had. Dus we zijn in die kamer waar alle anderen zijn, constateerde ik. Plots zag ik vertrouwde maar ook nieuwe gezichten. Alexis stelde me voor aan enkele : Hier hebben we Alexa. Ze is 6 en steeds bang en heeft je angst. Zij is als eerste naar jou gekomen. Weet je nog ? Dit is Lea. Ze is 10 jaar en heeft je verdriet. Ze is al vaak bij je geweest. Ze heeft me gezegd dat jij haar het beste kan troosten, dat je lief bent, liever dan Alex. Zij was het die weende toen je hond of kat overreden was, toen je vader gestorven was, toen je weer eens onheus behandeld werd door je moeder of een chef. Zij heeft je tranen. Zo kon jij of iemand anders gewoon verder leven. Ze wordt niet ouder omdat ze bijna nooit ‘buiten’ komt. Ze kan het niet aan. We verouderen maar wanneer we ‘in het licht’ staan. Alex ken je natuurlijk al. Zij is er gekomen toen Lea het niet meer aan kon, samen met mij. Zij doet wat wij niet kunnen. Zij is onze beschermer. Ze voelt niets, ook geen pijn. Ik ben wat zij niet is. Samen hebben we meestal ‘het lichaam’ gedeeld. Lexy zal je later ontmoeten … Ik wilde weten hoe ze er gekomen waren en waarom, maar ook wat ‘het lichaam’ was. Alex was niet tevreden over de gang van zaken. ‘Alles is toch goed ? Bescherm ik jullie dan niet goed ?’ en gaf me een duw. Ze werd wakker, maar was het eigenlijk een droom geweest ? Ze probeerde terug bij Alexis te komen maar wist niet hoe.

Het duurde daarna een lange tijd voor ze iemand ‘van hen’ terug zag. Ze vond het nog steeds vreemd en durfde er met niemand over praten. Ze zouden haar voor gek verslijten en opsluiten. Wie had nu zo’n dromen ? Iedereen leek zo echt en toch weer niet. Ze zagen er allemaal anders uit maar toch voelde ze wat zij voelden. Het was, inderdaad, lang geleden dat ze nog gehuild had. De dood van haar vader en de begrafenis, had ze beleefd als in een roes. Dat ze nergens bang voor was vond ze zelf soms wat gevaarlijk, maar het was wel leuk. Ze had al ondervonden dat ze, wanneer ze zich toevallig sneed, ze geen pijn voelde. Zo waren ze toch nog meer ? Ze dacht echt dat ze gek aan het worden was.

Toen ze eindelijk begon te denken dat het allemaal haar verbeelding was geweest, was ze er terug. Altijd in die half duistere kamer. In de schemering kon ze Alex en Alexa zien. Ze hadden een heftige discussie. Het is verkeerd om haar hier te brengen en haar alles te vertellen, riep Alex. Ze zal alles verbrodden ! Maar neen, suste Alexis, integendeel. Zo wordt alles zoals het moet zijn. We zullen ons zelf niet verliezen, we zullen weer 1 geheel worden. Alex schudde haar hoofd en liep stampvoetend weg. Ik kwam dichter en vroeg om uitleg. Wat ze te horen kreeg kon ze eerst niet geloven of bevatten. Dus je zegt dat jullie allemaal ‘ik’ zijn ? Dat jullie elk een emotie van mij zijn ? Hoe kan dat ? Wanneer was dit gebeurd en waarom ? Alexis vertelde me dat ze mijn geheugen was. Zij wist alles en wilde dat ik haar opnieuw zou ‘opnemen’. Dan zou ik weten wat zij wist. Ik wilde niets liever want het werd toch al te hortig !

Dat kon toch niet ! Haar hoofd tolde van deze nieuwe informatie. Ze had ze nooit bij stil gestaan waarom ze nog nooit verliefd geworden was en waarom ze bijna niemand vertrouwde. Ze had geen echte vriendschappen, enkel oppervlakkige kennissen en collega’s. Ze had het altijd vreemd gevonden wanneer ze over zichzelf hoorde praten als uitbundig en een lachebek. Het lag dus niet aan hen maar aan haar ? Ze moest terug bij Alexis geraken. Ze ontspande zich en dacht aan die kamer. Ze noemde Alexis haar naam en plots zag ze haar. Je hebt me gevonden ! Dat betekent dat je er klaar voor bent. Maar we moeten het voorzichtig aanpakken. Niet teveel ineens. Laten we beginnen met Lea. Ga met Lea in het licht staan en omhels haar. Open je geest en laat haar binnen, verwelkom haar. Onmiddellijk voelde ze zich misselijk van verdriet. Ze begon te wenen en dacht nooit meer te kunnen stoppen. Ze voelde het verdriet van alle mensen en dieren van wie ze reeds afscheid had moeten nemen. Ze dacht dat haar hart het zou begeven. Haar vader ! Haar lieve vader was gestorven ! Wat een gemis, wat een verdriet. En dan voelde ze zich gesterkt : ze had dit al allemaal gevoeld. Het was oud zeer, niets nieuws. Ze kon en zou ermee leren leven. Ze kon het aan. Vreemd genoeg voelde ze zich beter : niet meer zo’n koele kikker.

In de loop van de volgende maanden ‘herenigde’ ze zich met de anderen. Ze kon nu al schateren (Lilly), snotteren (Lea), bang zijn (Alexa), ravotten en spelen (Lex), ‘mannenwerk’ doen zoals hameren en vijzen indraaien (Al), flirten (Lexy), pijn (iedereen) … Ze had zelfvertrouwen gekregen van Alexis. Het was niet gemakkelijk en ze voelde veel verdriet, maar kwam er altijd sterker uit. Elk kwam met een beetje geheugen. Het was pijnlijk te ‘leren’ wanneer en waarom ze er gekomen waren. Hoe kan iemand een kind zoiets aandoen, steeds opnieuw ? Van Alexis leerde ze ook dat ze zelf dingen had gedaan waar ze niet trots op was, maar ze kon echt niet anders. Het was een kwestie van overleven.

Nu stond Alexandria aan de vooravond van haar grootste en laatste hereniging : Alex. Ze heeft gezien dat ze niet zal verdwijnen en wil weer samen met de anderen zijn. Dat ze lichamelijke pijn zal voelen, schrikt haar af. Eens Alexandria terug samen is met Alex, zal ze bijna alles weten en kunnen wat iedereen anders ook kan. Ze zal kunnen van zich af bijten, haar verdedigen en vrijen.  Ze zal eindelijk weer volledig zijn : alle gevoelens en emoties zullen de hare zijn. Ze zullen een facet zijn van dezelfde diamant. Misschien dat ze nu eindelijk een echte, langdurige relatie kan hebben, als zichzelf ?

*Het was de film ‘Sybil’ met Sally Feeld in de hoofdrol. 

Vertelseltje.

Ze liepen naast elkaar, zoals gewoonlijk, de een niet voor de andere want ze waren gelijk. Dat hadden ze gemerkt bij de eerste kennismaking. Ze waren elkaar tegen gekomen, ergens onderweg. Zoals dat hoort, waren ze achterdochtig van soortgenoten. Na wat rond elkaar cirkelen en enkele aanvallen, waarbij geen van beiden de overhand konden krijgen, besloten ze dat ze aan elkaar gewaagd waren en dat het beter zou zijn om samen op pad te gaan. Samen waren ze beter af. Dat was nu al enkele maanden geleden.

Opeens bleef de zwarte staan en snoof de lucht. De gestreepte volgde zijn voorbeeld en rook het ook : eten ! Vlug, maar toch op hun hoede, volgden ze de reukspoor. Nu pas voelden ze opnieuw hoeveel honger ze hadden. Ze moesten door enkele tuintjes maar wisten het lekkers toch feilloos te vinden. Ze hadden geluk : het waren verse etensresten van ‘de mensen’. Ze aten het vlug samen op, steeds rondkijkend of er geen gevaar was van soortgenoten of mensen. Daarna gingen ze zich wassen, gelegen op het wandelpadje, in de septemberzon. De stenen voelden warm aan en het deed hun deugd want de nachten begonnen fris te worden. Ze zouden een slaapplaats voor de winter moeten zoeken, maar er was nog tijd. Ze hadden elk hun plaatsje van vorig jaar waar ze, de nachten dat ze niet op jacht waren, konden rusten, moeten opgeven aan een sterkere soortgenoot.  

Terwijl ze zo lagen te soezen kwam er plots een mens buiten. Ze stoven elk een kant uit maar bleven plots staan. Ze hoorden een licht getik op een plastieken schaal en keken om. Daar stond een klein mensje te praten en gebaren naar hen. Aarzelend kwamen ze terug dichterbij maar bleven op een veilige afstand. Toen het schaaltje op de grond werd gezet en de mens terug naar binnen ging, roken ze opnieuw ‘eten’. Nooit wetend wanneer hun volgende maal zal zijn, gaf hun genoeg moed om eens te proeven, heel voorzichtig. Het was brood overgoten met melk ! Ze konden niet weerstaan en aten alles op. Nog nalikkend keken ze op en zagen dat het mensje naar hen aan te kijken was. Ze gingen terug op de warme stenen liggen maar bleven de deur in de gaten houden. Na een tijdje gingen ze terug op pad, hun buikje lekker vol.

De volgende dag gingen ze terug : een poes kan nooit weten hé. Misschien viel er weer iets te smullen. Daar aangekomen, roken ze geen eten. Het lege schaaltje stond er nog. Ze waren al bijna de tuin uit, toen de deur voorzichtig open ging. Het kind kwam buiten, nam de schaal op en terug naar binnen. Even later kwam ze terug en zette het er opnieuw. De vrienden kwamen terug om te ‘neuzen’. Het kind bleef nu buiten maar dat kon hen niet deren want ze had eten gezet ! Terwijl ze aan het eten waren kwam het kind dichter. Ze gingen rechtop zitten, klaar voor de vlucht, maar het kind stak haar handje uit. De zwarte herinnerde zich dat gebaar en liet zich strelen. Wat was dat lang geleden ! Ook de gestreepte kwam dichter en wilde eens weten hoe dat voelde. Ze aten verder, al spinnend, genietend van de aandacht.

Zouden ze hun ‘huis’ gevonden hebben ?