Compliment.

Ik zat eergisteren ochtend aan mijn bureau te werken toen de telefoon plots ging. Ik keek en zag dat het mijn Directeur was. Of ik eens tot bij hem wilde komen. Ik dacht : Pff. Wat heb ik nu weer verkeerd gedaan. Ik vergrendelde mijn computer en ging vlug naar hem toe want hij haat wachten.

Ik ging binnen in zijn bureau en hij vroeg hoe het met me was. Ik antwoordde dat tot 1 minuut geleden alles ok was. Dat begreep hij niet en ik verduidelijkte : Ja, als je naar hier moet komen, is het zelden voor een compliment, hé. Hij lachtte en zei : ‘Wel, deze keer is net daarvoor dat ik je geroepen heb.’ Ik lachtte mijn ‘pearly whites’ bloot en zei: ‘vertel’.

Hij had de dag ervoor, toen ik aan het onthaal zat, een bezoeker. Aangezien ik de Directeur niet direct kon bereiken om hem op de hoogte te brengen dat hij was aangekomen, moest de man een beetje wachten. Ondertussen had ik verschillende telefoons en een bezoeker die ik zelf kon beantwoorden. De bezoeker moest ik teleurgesteld weg sturen, na een lange uitleg waarom hij geen hoger bedrag aan uitkeringen kon krijgen. Ik had zijn dossier onderzocht, alles was correct afgewerkt, hij stempelde al lang, was samenwonend en moest dus terug 1 jaar voltijds werken eer hij opnieuw een hogere uitkering zou kunnen krijgen …

De man die zat te wachten op de Directeur had me blijkbaar in de gaten gehouden. Hij had gezegd aan de Directeur dat ik zoveel en zo lang geduldig gebleven was, dat ik wel 5 keer dezelfde uitleg gegeven had zonder boos te worden, dat ik beleefd gebleven was, … Ook dat ik zeer efficiënt de verschillende binnenkomende telefoons doorverbond met de juiste persoon, steeds met een glimlach en vaak met een kwinkslag.

De Directeur was enigzins verwonderd, ik niet. Ik zei dat dit toch mijn werk was aan het onthaal : alle bezoekers vriendelijk ontvangen, ze een deftige en begrijpbare uitleg geven, duidelijk zeggen wat ze moeten doen om hun dossier in orde te krijgen, ze eventueel naar de juiste instantie door verwijzen, uitleggen wat de te volgen stappen zijn, … zodat ze met een goed gevoel weer weg gaan. Zo ook aan de telefoon.

De Directeur vroeg of ik nooit boos werd aan het onthaal. Boos ? Neen, nooit ! Soms wel ongeduldig maar dat laat ik niet merken. Voor ons is het vanzelfsprekend maar voor die mensen is het allemaal Chinees. Dus nog eens de uitleg herhalen is wel het minste wat ik kan doen, tot ze het begrijpen. Ik heb niet graag de ze heel hun leven vertellen want daar heb ik niets aan, kan ik niets aan doen en heb daar, eerlijk gezegd, geen tijd voor. Toch laat ik hen doen want het kan goed doen eens je hart te luchten. Ze hebben dan het gevoel dat ze gehoord werden en zijn minder agressief/assertief tegen de volgende persoon.

Hij knikte goedkeurend. Ik vroeg toen of ik nu voltijds het onthaal mocht doen. Hij lachtte dat ik het compliment moest aannemen en dat we het daarbij zouden laten. Jammer !

Toch leuk om positieve feedback te krijgen. 😀

Advertenties