Sneeuw na wc-problemen.

Neen, geen strontaffaires maar een doorlopende wc.

Als ik aan iets een hekel heb dan is het aan verspilling van water. Dat de nieuwe kraan in de keuken opeens begon te lekken zal later aangepakt worden. Dat er een wc doorloopt is er voor mij teveel aan.

Zoals afgesproken is mijn ex gisterenochtend langs gekomen om het probleem op te lossen. Mijn schat had al een nieuwe vlotter geplaatst maar daar zat het probleem niet. Een nieuw doorspoelmechanisme drong zich op. Na eerst een verkeerde meegebracht te hebben, hadden we dan toch een die pastte. Alles werd gemonteerd en getest. Het probleem was niet opgelost, integendeel ! Er klopte iets niet, maar wat ? Toen hij al weg was, met de belofte om volgende week terug te komen met andere stukken, zagen we opeens nog een plastieken ring liggen. Na een telefoontje wisten we het zeker : daar lag het probleem. Die ring zal volgende vrijdag ertussen gestoken worden en dan zal het hopelijk weer in orde zijn.

Toen het in de namiddag begon te sneeuwen heb ik foto’s genomen.

Eerst sneeuwde het zachtjes.

Toen  was het al iets harder.

De grote kater ging al eens op onderzoek

maar vond er toch niets leuk aan en kwam al vlug weer naar binnen

Toen sneeuwde het nog harder

De tuin begon langzaam in een sneeuwlandschap te veranderen

Toen kwam de sneeuwstorm …

Dit was het resultaat

Er is toch een beetje gevallen

Verder dan hier is onze kleine poes niet geweest.

Dit heeft mijn liefste gedaan zodat ik mijn auto zou terug vinden.

’s Avonds was het ook mooi om te zien.

Vandaag was mijn schat buiten de ondergesneeuwe planten te trekken.

Ook de poezen, die binnen in de warmte zitten, moeten eraan geloven.

Eens mijn schat terug binnen was, is de grote Toyah op onderzoek gegaan. De kleine Kira vond het ook veilig om hem achterna te lopen. Al na enkele minuten kwamen ze terug.

Zo heb ik dan toch een foto van mijn kleine katin in de sneeuw.

Zo, ik heb de foto’s voor dit jaar. Het mag terug dooien …

Advertenties

Doet een mens dan eens iets …

Ik was deze ochtend in mijn gat gebeten. En nog niet redelijk ! 😦

Er lopen altijd stagiaires rond in ons gebouw. Waar ze vandaan komen en wat ze juist (moeten/komen) doen, is me een raadsel. Ik heb er geen probleem mee : ze laten mij met rust en ik hen. Buiten de gebruikelijke ‘goeie morgen’ heb ik er geen omgang mee.

Deze ochtend was het anders. Ze waren met 2 en ze vroegen me of ik hen wou helpen. Natuurlijk wel. Ik ben een braaf meiske en ben altijd (?) hulpvaardig.

Ze hadden interne post in hun handen en wisten niet waar ze het moesten naartoe brengen. Er was hun verteld : op de 2de verdieping. Leuk, als je weet dat er 2 diensten zijn op die etage.

Ik kijk naar waar het moet en ga met hun mee naar de andere dienst. Ik zeg in het kort van enkele personen wat ze doen. Aangemoedigd door mijn extra informatie vragen ze wat het verschil is tussen de 2 diensten. Ik geef uitleg, de onderdirecteur passeert ons en glimlacht eens (goedkeurend ?). Wanneer ze vragen hoe een ‘dossier’ er uit ziet, neem ik hen mee en toon enkele documenten. Ze zijn zeer tevreden en luisteren aandachtig. Ze stellen nog enkele gerichte vragen waar ik dan antwoord op geef.

Na enkele minuten komt een chef bij me staan en vraagt wat ik aan het doen ben. Ik zeg dat ik wat uitleg geef over de dienst en de documenten. Zij (kort) : ‘Ze moeten dat aanvragen om een rondleiding te krijgen en wij, de chefs, zullen dat dan wel doen ! ‘

We stonden daar met onze mond vol tanden, ik werd rood van plaatsvervangende schaamte en voelde me in mijn mond geblazen. Het ene meisje probeerde nog uit te leggen dat het zeer interessant was en dat het niet meer lang zou duren, maar het had geen zin. Ze hadden al een rondleiding gekregen ! Iedereen kreeg alles te zien bij binnenkomst ! De stagiaire legde nog uit dat ze er toen niet veel van begrepen had omdat alles zo nieuw was en ze de terminologie (nog) niet begreep. Niets aan te doen ! Aanvragen en zij zouden het wel doen ! Met een boze blik naar mij.

We zijn afgedropen. Ze hebben me vriendelijk bedankt voor mijn uitleg en moeite.

Ik voelde me zo in mijn gat gebeten dat van werken niet veel meer in huis is gekomen ! Dat mochten ze ook zelf doen !

Een ritje met Mia de Kia.

De laatste dagen start mijn Mia niet meer zo goed. Dat het koud is en dat dit nefast is voor de batterij, weet ik. Ook dat ik alleen maar zeer korte ritjes doe, doet er ook geen goed aan. Een telefoontje naar mijn neefke, de garagist, drong zich dus op.

Hij wist me te vertellen dat ik 3 opties had : om een andere batterij te komen, een rit van minstens 20 km rijden of 2 uur stationair laten draaien. Toen ik hem vroeg hoe ver ik moest rijden om de vereiste km te hebben (ik bedoelde naar waar), begon hij weer onbedaard te lachen en legde me uit dat ik door mijn stuur moest kijken, ik daar tellertjes zou zien, ik moest rijden tot de teller 10 km verder was en dan terug keren ! Ja, hij is een vrolijke jongen.

Gisteren probeerde ik het laatste. Ik parkeerde voor de deur, liet de motor draaien, sloot de deuren met de sleutel van mijn schat en kwam naar binnen. Ik zei nog tegen mijn liefste : ‘Het is nu 17 uur dus om 19 uur mag de motor terug uit.’ Natuurlijk was het na 20 uur toen ik opeens weer aan Mia dacht. Enfin, het zou zeker goed zijn, hé.

Niet dus. Deze ochtend was het toch weer maar zeer moeizaam dat de motor wilde aanslaan. Dus vanavond, na het werk, optie 2 gedaan. Mijn schat ging mee dus ik was niet alleen in de koude, stille auto want er mocht niets aanliggen.

We kozen ervoor om naar Torhout te rijden en weer terug. Dat zou ongeveer 40 km zijn, wat volgens ‘iedereen’ nodig was om een batterij weer op te laden. Langs daar kenden we alle 2 de weg en zouden niet verkeer rijden. Dacht je ? Afgezien van het feit dat ik vergeten had te kijken hoeveel er op te teller stond toen we vertrokken, was naar Torhout rijden geen probleem. Het was nog licht genoeg om zonder de kruislichten te rijden. Om zeker te zijn ben ik nog iets verder gereden. Op de terugweg, aan het rondpunt van Torhout, heb ik de afslag genomen die mijn schat aanwees. En ja, je raad het al, we reden niet meer richting Brugge, maar naar Gistel. Enfin, we hebben zo nog eens door het centrum van Aartrijke gereden. Na nog enig gokwerk kwamen we eindelijk terug op de juiste baan en kon ik zonder verdere omwegen naar huis rijden. De laatste 10 km heb ik wel met licht moeten rijden wegens de invallende duisternis en de tegenliggers die bleven knipperen met hun grootlichten. We hebben op de terugweg bijna 30 km gereden.

Ik hoop dat het ver genoeg was en dat het starten morgen goed gaat. Zo niet ga ik om een andere batterij ! Ik heb geen zin om als een straathoer met startkabels te staan zwaaien. Het is te koud om mijn minirok aan te doen en ook : het is echt geen zicht meer.