De kitten-saga – Mama

Het is nog niet gelukt, maar kom wel in orde hopelijk …

Gisteren gebeld naar het Asiel in Brugge. Ze hebben geen kittens omdat ze enkel gevaccineerde dieren willen meegeven en dat kan niet voor 6 maanden, zegden ze. Ik heb nog gehoord dat ze die kleintjes vlug laten inslapen. De arme schatjes. Ik begrijp het wel hoor, maar vind het toch jammer.

Via mijn schoonzusje heb ik 2 telefoonnummers gekregen waar ze er waarschijnlijk zouden hebben. Bij het eerste nummer waren ze al de deur uit. Goed voor hen, goed voor die kleintjes, slecht voor mij. Met het tweede nummer had ik meer geluk : ze hadden nog 3 zwartjes en 1 tijgertje. Volgens mijn schoonzus waren ze geboren begin juli, volgens de dochter des huizes, die ik aan de lijn had, waren ze 7 weken. Als ze al bijna 3 maanden zijn, zijn ze te oud voor ons. Ik wil mijn lieve Toyah geen concurrent aandoen, enkel een speelmakkertje. Aangezien de ouders gisteren niet meer gebeld hebben dat eens mocht komen kijken, zal het voor vanavond zijn. Hou allemaal jullie vingers gekruist en brandt kaarjes zodat ik eindelijk aan mijn nieuw kleintje geraak. Zou ik (toch weer) mijn gedacht krijgen ? Ik hoop het !

De (na)middag met mijn moeder is leuk verlopen : geen gezaag, niet vitten. Integendeel : ze vond dat mijn auto proper was (die is nog nooit gewassen geweest, noch binnen, noch buiten – ze ziet niet meer goed zeker ?), toen ik vertelde dat ik mijn haar terug in bruin zou steken (mijn naturel kleur) vond ze het jammer omdat het rood me zo goed stond (!), dat ik zeer chique gekleed was – zelfs een beetje té – om gewoon in de Mister-Buffet iets te eten en nadien in de Aldi rond te lopen, … Ik vrees dat ze seniel aan het worden is, maar eerder heeft mijn schoonzus haar (weer) op het hart gedrukt dat ze me enkel complimenten mag geven. Wat er ook van zij : ik vond het een aangename verandering.
Volhouden, moeder ! Zo wil ik wel vaker een namiddag met je doorbrengen …

Dat we (weer) geluk hebben gehad met het weer, moet mij eigenlijk niet meer verwonderen. Meestal, wanneer we buiten komen, schijnt de zon of houdt het minstens op met regenen zodat we droog aankomen. We zijn zonne-mensen. We hebben een speciale band met de weergoden, zegt mijn moeder altijd. Eens vloeken wanneer het dreigt tegen te slaan en het komt meestal in orde tot we er zijn. Gewoon bedanken wanneer we weer eens geluk hebben gehad is voldoende. Rare jongens, de weergoden 😉

Advertenties