Gelukt ? Nog niet echt …

Het is gelukt om een kleintje in huis te halen, wanneer ik het wilde.
Het is niet gelukt dat het een speelmaatje voor Toyah is. Hij blaast naar het kleintje, wil niet bij me komen wanneer ze op mijn schoot ligt, wil niet blijven wanneer hij haar ziet (gaat terug buiten of naar boven), …
Het enige waar ik in geslaagd ben is een concurrent binnen te halen. Dat was niet de bedoeling !
Nu de vlooien onder kontrole zijn hebben wij er veel plezier aan en lachen ons te pletter wanneer ze doorglijdt op het laminaat wanneer ze met een balletje speelt of achterover valt in haar spel met een pluchen muisje …
Jullie hebben meer ervaring met het binnen halen van poezen uit verschillende nesten. Komt dit nog goed ?

Jijé

Jijé, echte naam Joseph Gillain (Gedinne, 13 januari 1914 – Versailles, 19 juni 1980) was een Belgisch striptekenaar. Hij was de inspirator en drijvende kracht van een volgende generatie van striptekenaars als Franquin, Morris, Will en Paape. Al op jeugdige leeftijd volgde hij beeldhouwlessen en gedurende drie jaar leerde hij kunstambachten bij de monniken in de abdij van Maredsous. Hij was een uitblinker in alles wat hij aanpakte. Een fantastische schilder, een geboren beeldhouwer, maar ook een prima pottenbakker en goudsmid. Op de Universiteit in Charleroi maakte hij kennis met de methode van de schilder Van Den Houte. Deze bestond eruit te tekenen zonder naar het blad te kijken. Dit kon Jijé: in een paar seconden had hij een schets of karikatuur van iemand op papier, verbluffend echt en zonder maar één blik op het papier te hebben geworpen. Vervolgens bezoekt hij de avondcursussen aan de kunstacademie van Brussel en overdag de kunstnijverheidsschool. Daarna vervult hij zijn militaire dienstplicht in de Luikse kazerne Fonck.

Het eerste stripverhaal dat Jijé maakte was in 1936. De held van het verhaal ‘Jojo’ beleefde gedurende 3 jaar zijn avonturen in het weekblad ‘LeCroise’. Vanaf 1939 tekende hij in een ander katholiek weekblad ‘Petit Belges’ zijn beroemd geworden figuren ‘Blondie en Blinkie’, al verschenen die eerst onder de namen ‘Wietje en Krol’. Deze 3 verhalen, ‘Wietje en Krol in Amerika’, ‘Wietje en Krol in strijd met de gangsters’ en ‘Jonge Vleugels’ zijn in 1946 in boekvorm verschenen. Goede exemplaren zijn zeer schaars en bijna onbetaalbaar.
Sinds 1939 werkte Gillain mee aan het pas opgerichte weekblad Robbedoes waarvoor hij een nieuwe held bedacht. Het werd ‘Freddy Fred en de Hindoesleutel’. Verder publiceerde hij in dat jaar ‘Theo en Thea in de Himalaya’ en vervolgens ‘Bloed op de sneeuw’. Dit verhaal bleef echter onvoltooid en zou later dienen als basis voor ‘Kamiliola’, een avontuur van Blondie en Blinkie.
Intussen was op 10 mei 1940 in België de oorlog uitgebroken, waardoor het werk in de uitgeverij enkele maanden stil kwam te liggen. Voor Jijé werd het echter geen rustige tijd. De eerste tekenaar van Robbedoes, Rob Velter, zat in Frankrijk en had geen contact meer met de redactie. Gillain moest toen ook maar de avonturen van Robbedoes maken. Dit deed hij tot in 1946.
Terwijl hij al de artistieke opleiding verzorgt van de jonge Willy Maltaite, de latere Will, wordt hij na de Bevrijding adviseur van de gebroeders Dupuis en katalysator van een team nieuwe, talentvolle tekenaars: André Franquin, Maurice De Bevere, alias Morris, Eddy Paape en Victor Hubinon. Deze kunstenaars van uiteenlopende herkomst, uiteindelijk nog aangevuld met Pierre Culliford, alias Peyo, en Jean Roba, zullen de “school van Marcinelle” vormen, naar de vestigingsplaats van de uitgevers en als tegenhanger van de “Brusselse School” van Hergé en zijn discipelen van het blad Kuifje. Tegenover de soberheid en het realisme van de laatste kenmerkt de school van Marcinelle zich door een sterk individuele stijl, soepele lijnvoering, en meer ruimte voor humor en fantasie.
Van zijn hand verschenen in 1941 de biografie ‘Don Bosco’ en in 1942 ‘Jan Kordaat’. Ten gevolge van de oorlog kwam de aanvoer van stripverhalen uit Amerika stil te liggen. Jijé loste dit op. Hij maakte het verhaal van Red Ryder af en tekende bladzijden van Superman.
Er zijn weken geweest waarin Gillain meer dan 10 bladzijden voltekende, zowel met humoristische als met realistische strips. Na ‘Don Bosco’ kwam er een biografie van ‘Christoffel Columbus’. Hij werkte eraan van eind 1942 tot augustus 1945. Later kwam ook nog ‘Emmanuel’ erbij. Dit gaf hem zo veel werk dat hij Robbedoes aan Franquin doorgaf.
Na de bevrijding, voor België in september 1944, werd Jijé zoals gezegd, de leermeester en de drijvende kracht achter een stel jonge tekenaars bij Charles Dupuis, uitgever van het jeugdblad Robbedoes. De invloed van Gillain op deze nieuwe garde, die hij opnam in zijn huis in Westerlo, was enorm. Morris creëerde er ‘Lucky Luke’, Franquin nam ‘Robbedoes’ definitief over, ‘Jan Kordaat’ kwam in handen van Eddy Paape en Will ging verder met ‘Baard en Kale’. Hubinon maakte een verhaal met ‘Blondie en Blinkie’. In 1948 besloten Gillain, Franquin en Morris naar “het Mekka van het tekenverhaal”, dus Amerika, te emigreren. Ze kregen problemen met verblijfsvergunningen en bleven een half jaar in Mexico. Het werk voor Robbedoes ging ‘gewoon’ door en werd over de post verzonden. Baden Powell werd door Jijé geheel in Mexico getekend. Tevergeefs werd aangeklopt bij de Disney studio’s. In 1950 kwamen ze terug naar Europa. Jijé begon meteen aan een avontuur van ‘Blondie en Blinkie’ en nieuwe avonturen van ‘Jean Valhardi’.
Jijés werk, van een wonderbaarlijke grafische rijkdom en met sterk humanistische inslag, beïnvloedt heel wat jonge artiesten: Jean Giraud alias Gir, Derib, Hermann, etc. Hoewel schrijver én tekenaar, doet Jijé soms een beroep op scenaristen als Maurice Rosy, René Goscinny, Jean Acquaviva, Daniel Dubois, Jacques Lob en vooral zijn zoon Philippe, alias Philip.
In het midden van de jaren ’60 nam hij het tekenwerk van ‘Tanguy en Laverdure’ over van Albert Uderzo en Roodbaardvan Victor Hubinon. De creatie van ‘Jerry Spring’ met zijn Mexicaanse metgezel Pancho bleek zijn belangrijkste te zijn. Hij liet het tweetal in 23 jaar 25 avonturen beleven. Over de uitzonderlijke kwaliteit van deze verhalen zal ik niet uitwijden evenmin over de invloed van van Victor Hubinon. In 1954 begon Jijé op verzoek van zijn uitgever aan een realistische western. De creatie van Jerry Spring met zijn mexicaanse metgezel Pancho. Over de uitzonderlijke kwaliteit van deze verhalen zal ik niet uitwijden, evenmin als de invloed op één van zijn leerlingen, de tekenaar van onder meer Luitenant Blueberry, Jean Giraud aka Moebius.
In de marge van dit indrukwekkende oeuvre (meer dan zeventig verhalen in veertig jaar), wijdt de “vader van het Belgische beeldverhaal” zich in zijn vrije tijd aan schilderen en beeldhouwen en komt hij tot praktische en verrassende uitvindingen die echter geen toepassing vonden. “Tout Jijé”, de integrale chronologische uitgave van zijn werk bij Dupuis, is nog steeds niet afgerond.
Jijé overleed op 66-jarige leeftijd na een slepende ziekte.

Het is gelukt !

We hebben een nieuw kleintje. Ze is geboren op 3 of 4 juli en is bruin van kleur met witte teentjes, keel en kin. Ik was vergeten dat ze aan die leeftijd zo klein zijn. Schattig !

Om 18 uur, gisteren, heeft mijn schat haar gekozen uit een nest van 4. De kleintjes zaten buiten, dicht bij de achterdeur en mochten niet binnen, de arme schatjes. Nu, bij ons, mag ze (nog) niet buiten, ze moet eerst haar nieuwe huis gewoon worden.

Zoet had, bij het kiezen, 2 vlooien zien lopen en dacht dat hij ze er wel zou kunnen uitplukken. Thuis gekomen hebben we haar beter onderzocht en bleek dat ze er vol van zat. Ik had nog een spuitbus tegen vlooien staan en heb haar ondergespoten. Dat waren 2 trauma’s in nog geen uur tijd : weg van haar huis & familie en die spuitbus.
Ik heb haar dan bij het eten gezet en aangezien ze zo mager is dat ik haar ribbetjes kan voelen, is ze onmiddellijk beginnen eten. De kattenbak heeft ze ook direct daarna gevonden.

Toen de grote Toyah binnen kwam en hij de kleine zag, wist hij duidelijk niet wat te denken. Die kleine kreeg de grote in het oog en rechtte haar rug en begon te blazen, of wat voor blazen moest doorgaan. Daarop is de grote dan ook maar begonnen. Hij deed ook schijnaanvallen en stond te tapdansen. We hebben de kleine vannacht in de badkamer laten slapen met de deur dicht, voor haar veiligheid.

Vandaag kijken ze al naar elkaar maar komen nog niet dicht. Ze eten ook al uit dezelfde eetbakje, maar niet samen. Hopelijk komt dat nog want het was wel de bedoeling dat de grote zich niet meer zou vervelen, niet dat hij een concurrent in huis heeft. Hij zal het met tijd wel snappen zeker ?

Toen ik deze morgen opstond, was ze leuk aan het spelen met een balletje en een muisje. Ze kuist zich goed en heeft nog last van vlooien maar de druppels die ik in haar nek gedaan heb, zullen dat vlug verhelpen. Ze hoort goed en kijkt naar alles wat beweegt en laat zich gemakkelijk oppakken. Ze ligt nu op mijn schoot te slapen …

Welke naam zouden we haar geven ? De map met foto’s die we al van haar genomen hebben en waarvan er enkele op Flickr staan, hebben we ‘vlooitje’ genoemd. Ik wil een andere naam maar heb nog geen inspiratie. Jullie wel ?

De kitten-saga – Mama

Het is nog niet gelukt, maar kom wel in orde hopelijk …

Gisteren gebeld naar het Asiel in Brugge. Ze hebben geen kittens omdat ze enkel gevaccineerde dieren willen meegeven en dat kan niet voor 6 maanden, zegden ze. Ik heb nog gehoord dat ze die kleintjes vlug laten inslapen. De arme schatjes. Ik begrijp het wel hoor, maar vind het toch jammer.

Via mijn schoonzusje heb ik 2 telefoonnummers gekregen waar ze er waarschijnlijk zouden hebben. Bij het eerste nummer waren ze al de deur uit. Goed voor hen, goed voor die kleintjes, slecht voor mij. Met het tweede nummer had ik meer geluk : ze hadden nog 3 zwartjes en 1 tijgertje. Volgens mijn schoonzus waren ze geboren begin juli, volgens de dochter des huizes, die ik aan de lijn had, waren ze 7 weken. Als ze al bijna 3 maanden zijn, zijn ze te oud voor ons. Ik wil mijn lieve Toyah geen concurrent aandoen, enkel een speelmakkertje. Aangezien de ouders gisteren niet meer gebeld hebben dat eens mocht komen kijken, zal het voor vanavond zijn. Hou allemaal jullie vingers gekruist en brandt kaarjes zodat ik eindelijk aan mijn nieuw kleintje geraak. Zou ik (toch weer) mijn gedacht krijgen ? Ik hoop het !

De (na)middag met mijn moeder is leuk verlopen : geen gezaag, niet vitten. Integendeel : ze vond dat mijn auto proper was (die is nog nooit gewassen geweest, noch binnen, noch buiten – ze ziet niet meer goed zeker ?), toen ik vertelde dat ik mijn haar terug in bruin zou steken (mijn naturel kleur) vond ze het jammer omdat het rood me zo goed stond (!), dat ik zeer chique gekleed was – zelfs een beetje té – om gewoon in de Mister-Buffet iets te eten en nadien in de Aldi rond te lopen, … Ik vrees dat ze seniel aan het worden is, maar eerder heeft mijn schoonzus haar (weer) op het hart gedrukt dat ze me enkel complimenten mag geven. Wat er ook van zij : ik vond het een aangename verandering.
Volhouden, moeder ! Zo wil ik wel vaker een namiddag met je doorbrengen …

Dat we (weer) geluk hebben gehad met het weer, moet mij eigenlijk niet meer verwonderen. Meestal, wanneer we buiten komen, schijnt de zon of houdt het minstens op met regenen zodat we droog aankomen. We zijn zonne-mensen. We hebben een speciale band met de weergoden, zegt mijn moeder altijd. Eens vloeken wanneer het dreigt tegen te slaan en het komt meestal in orde tot we er zijn. Gewoon bedanken wanneer we weer eens geluk hebben gehad is voldoende. Rare jongens, de weergoden 😉

Te laat thuis,

deze week, om te bellen naar het Blauw Kruis, dierenasiel in Brugge. Ik zal het morgen zeker moeten doen, wil ik voor het weekend, voor mij begint dat op donderdagnamiddag, een kitten in huis halen.

We hadden nog werk in te halen dus ben ik gebleven tot 17 uur. Ik ben tevreden en mijn chef ook : veel kunnen doen. Nog 1 zware dag afwerken en we zijn weer bij. Het is relatief vlot gegaan. Ik had niet gedacht dat we er voor het eind van de maand al zouden zijn. Zijn we goed of zijn we goed ?

Ik wil eerst bellen naar het asiel om te vragen of ze een vrouwelijke kitten hebben van 6-8 weken en hoeveel het me zal kosten. Ook wil ik niet in de kooien moeten want ik kan niet weerstaan aan die smekende oogjes : ik zou ze allemaal mee naar huis brengen. Kleur speelt geen rol, als ik er maar eentje kan redden. Hopelijk kan mijn grote Toyah het appreciëren en komt hij ermee overeen. Ik wil het morgen doen omdat ik dan enkele dagen thuis ben om er tussen te komen, moest het nodig zijn.

Eerst morgenmiddag met mijn moeder ietske gaan eten en wat praten. Hopelijk wordt het een leuke namiddag. Met mijn moeder weet he nooit. Het is alweer te lang geleden dat ik haar nog gezien heb, maar de laatste weken waren te gevoelig voor mij want rond deze tijd praten we maar over 1 ding : mijn vader. Aangezien ze niet altijd even goed over hem praat, heb ik haar gemeden. Ik had het niet tegen verdragen, deze keer niet. Dat de weken voorbij vliegen heeft er ook iets mee te maken, natuurlijk. We worden zo vlug oud, hé 😉

Besluit !

Ik heb besloten om toch maar een nieuw katje in huis te nemen. Mijn schat gaat ermee akkoord.
Ik mis die kleine nog verschrikkelijk maar moet de waarheid onder ogen zien en beseffen dat ze niet meer terug zal komen.
De grote Toyah verveelt zich verschrikkelijk. Hij is nooit gewoon geweest alleen te zijn want hij en zijn zusje zijn samen uit hun huis naar hier gekomen. De kleine Chewy ging er meestal alleen op uit, maar binnen of in de tuin waren ze samen. Het ging er soms eens luid aan toe. Ik wist dan niet of het om te spelen was of dat ze elkaar pijn deden. Ik wist ook nooit begonnen was, maar riep toch eens luid ‘Alleé!’ en ze hielden dan wel op. Nu wil hij altijd dat we buiten gaan maar spelen zit er niet in. Hij kruipt onder een struik en blijft daar. Wanneer we dan terug naar binnen komen, is hij verwonderd.
Ik hoop dat Toyah er mee speelt en dat ze overeen zullen komen.
Het is de wet van Murphy : nu zijn er nergens kittens tussen 6 en 8 weken te krijgen ! Het hele jaar door komen vrienden en collega’s vragen of ik geen poesje bij wil. Nu vraag ik er eentje van gelijk welk kleur of geslacht, en er zijn er geen. Typisch. Op het web zijn er ook geen rond Brugge. Ik zal toch naar het asiel moeten en 50 euro betalen …

23 jaar …

Zo lang is het, vandaag, geleden dat mijn vader is gestorven. Hij was net 54 jaar geworden.
Hij is naar het ziekenhuis gegaan voor een operatie onder plaatselijke verdoving en 6 weken later stonden we op zijn begrafenis. Niemand heeft het zien aankomen.
De dokters en verplegend personeel verzekerden ons dat alles goed was. Het was normaal dat hij zoveel bloed moest krijgen en dat er bijna elke dag een baxter bij kwam. De ene dag konden we er gewoon bij, de volgende dag moesten we opeens beschermende kledij aantrekken voor we bij hem mochten omdat hij geen infectie mocht oplopen. Maar alles kwam goed, verzekerden ze ons. Het was pas toen er een priester aan zijn ziekenhuisdeur stond met de vraag : moest er vannacht iets met mijn vader gebeuren, of hij de laatste rechten wilde krijgen, dat ik beginnen twijfelen ben. Mijn familie dacht nog steeds dat het een voorzorgsmaatregel was, maar ik niet. Ik heb toen directe vragen gesteld aan het personeel. Zij verwezen me door naar de dokters. Dokters … meerdere ! Een duidelijk antwoord heb ik nooit gekregen.
De laatste vrijdag, ik was bezig om me klaar te maken om te gaan werken, kreeg ik bericht dat we best vlug zouden komen want hij wilde zijn kinderen nog eens zien ! Ik ben naar daar gevlogen ! Ik weet niet meer of ik zelfs gestopt heb voor de verkeerslichten. Toen ik daar aan kwam lag hij in doodszweet, was vaal van kleur en was aan het dolen. Hij herkende ons zelfs niet meer ! Ze hebben hem dan nog weggedaan voor een spoedoperatie.
De volgende dag, we mochten niet eerder terugkomen, lag hij aan de machines. Hij had weer kleur. Ik was zeer hoopvol, mijn zus niet. Zij kon niet ophouden met huilen en ik heb haar getroost en moed ingesproken, zoveel ik kon, maar het hielp niet.
De zondagochtend kwam mijn schoonbroer zeggen dat we ons niet meer moesten haasten. Ze hadden in de loop van de nacht de machines stilgelegd en hij was gestorven ! Het was voorbij !
Onze vader, mijn moeders echtgenoot, onze steun en toeverlaat, hij die de familie samen hield, hij die altijd klaar stond met raad en daad, hij die ons uit de nood hielp, hij die voor ons op kwam en ons verdedigde tegen iedereen, hij die ons voorbereid had om in de wereld te treden, hij die lachte met heel zijn mond open, hij die ons plaagde, hij die ons moppen vertelde, hij die cote-à-los bakte in de open haard, hij die me heeft leren auto rijden in zijn grote Mercedes, hij die mee was toen ik mijn eerste auto kocht, hij die me strafte toen (weer) te laat thuis kwam na een feestje, hij me op het rechte pad heeft gehouden, … Ik kan nog uren doorgaan … Hij was niet meer !
Wat heb ik hem gemist over de jaren. Toen mijn man en ik een huis gingen bouwen, toen ik ging scheiden, toen ik samen met mijn vriend een smederij ben begonnen, toen die relatie ook stuk ging, toen ik mijn huisje hier heb gekocht, … En dat zijn nog maar de grote gebeurtenissen. Geen Kerstavond meer allen samen gezellig thuis, geen bulderlach meer van hem, niet meer samen een pint pakken in de manege, hem niet meer tegenkomen op de koer van de Rokerij, niet meer vlug iets gaan vragen in zijn bureau, geen buffer meer tussen mijn moeder en ik, …
Ik mis hem nog steeds, zo erg …

Performance Sex & Money.

De performance, gisterenavond, van mijn schat zijn neef, in het Oostendse Andromeda Hotel & Thalassa, was de vernissage van ‘Contest Art 10’ waar nog 16 andere kunstenaars hun werken tentoonstellen tot 16 december.
Het voorwoord werd gezegd door Rik Deams.
De uitstekende wijnen vloeiden rijkelijk en de hapjes waren zeer verzorgd en zeer lekker, werd mij verteld. Misschien mede daarom dat er andere prominente Oostendse politiekers aanwezig waren.
Na de speech en het officieel openen van de tentoonstelling was het tijd voor de act ‘Sex & Money’ :
Een man zit buiten op een bank de beursberichten te lezen. Hij staat op en leest de wet uit de jaren 1800 over de ‘zedelijke bescherming van de jeugd’.
Hij neemt geld uit de ‘muur’ en gaat terug zitten. Plots gooit hij zijn krant opzij en wandelt langs een muur waarop vele krantenartikels hangen over sex, porno en prostitutie.
Hij gaat een hokje binnen en transformeert zichzelf tot vrouw. Dit is buiten te volgen omdat er een licht achter hem/haar staat zodat de schaduw op een doek valt die voor een, met roze neonlampen behangen, ruit staat. Wanneer de transformatie compleet is, komt ‘ze’ naar buiten, gooit een massa geld op de grond, gaat zitten op de bank, neemt de krant op en leest de beursberichten …
Het was schitterend. Zeer geslaagd. De boodschap kwam over.
Mijn schat moest foto’s trekken, wat hij weer uitstekend gedaan heeft.
Ik moest het hele gebeuren filmen met een digitale camera. Het was mijn 2de keer en ik ben niet tevreden over het resultaat : het begin ging veel te vlug want ik kon niet volgen, ik heb gemist bij het in- en uitzoomen, zijn toespraakje achteraf staat er niet volledig op omdat ik niet wist dat hij enkele woorden ging zeggen. Hopelijk is hij wel tevreden en kan hij er iets van maken door er foto’s tussen te steken. We zullen het wel horen. Achteraf gezien hadden we het eerder moeten opnemen. Zo konden we er meer onze tijd voor nemen …
We hebben nog leuk staan praten met een ‘hyper’vrouw die ook foto’s aan het nemen was met een zeer dure Nikon, waar ze niets mee deed : gewoon richten, zoomen, scherp stellen en trekken. Toen mijn lief haar enkele extra functies uitlegde, was ze het al na enkele minuten weer vergeten. Een speciaal, vriendelijk mens.
Ik heb ook nog zitten praten met een Engelse dame die nu in Nederland woont. Ze is 65 jaar, een gepensioneerde journaliste/redactrice die nu nog freelance werkt. Haar opvattingen over de wereld, mensen, politiek, godsdienst, samenleven, … strookten helemaal met de mijne. We konden het goed met elkaar vinden. Toen ik haar een compliment gaf over haar zeer goede Nederlands, gaf zij mij een over mijn Engelse uitspraak. We hebben de 2 talen door elkaar zitten gebruiken tijdens het praten en vonden het zeer leuk. Ze heeft beloofd mij te mailen en ik hoop van harte dat ze het doet. Zo’n interessante vrouw heb ik zelden tegengekomen.
Het was een zeer leuke avond. Iets helemaal anders …

ditjes en datjes.

Ik ben er weer vanaf voor deze week : gedaan met werken. Hoera ! Joepie !

Ik heb gisteren een BP15 genomen, dat is een uitgangsbon van 90 minuten, zo kon ik om 14u30 naar huis komen. Ik had echt een baaldag, voelde me niet goed in mijn vel, iedereen werkte op mijn zenuwen, had geen geduld, vervelende dossiers, … Het beste wat ik doen, voor mezelf én mijn collega’s, was naar huis komen. Ik heb geen pc aangestoken maar 2 afleveringen bekeken die ik nog moest inhalen en was daarna heel rustig en blij. What a difference a few hours make …

Vandaag heb ik verder mijn bureau geïnstalleerd. Ik had al mijn desk gedraaid (neen, niet met de poten omhoog) zodat ik een andere richting uit keek. Nu heb ik een kastje naast me gezet waar de kabels van de pc’s en telefoon onder kunnen. Het is nu weer alsof ik in een hoek zit. Heb ik liever : nu zit ik op mijn plaats 😉

De neef van mijn schat geeft morgenavond een ‘performance’ in Oostende, bij de opening van een tentoonstelling. Hij heeft aan ons gevraagd of we willen komen foto’s nemen en filmen. Natuurlijk wel ! Ik heb geen idee wat er allemaal te doen zal zijn. Het zal in elk geval iets anders zijn van een gewone vernissage. Ik ben zeer benieuwd.