MagNite 2007

Het was een zeer leuke avond !

We zijn met de bus gegaan en zo waren we op tijd. Na wat zoeken in de Biekorf hebben we gevonden hoe het zat : via de gang kon je in het zaaltje of naar het café. In de gang kon je drankbonnetjes kopen en pils of cola kopen, in het café kon je de andere dranken krijgen én ze hadden Rodenbach in flesjes ! Mijn lievelingsdrank 😉 Dat zat dus al goed.

Er waren 10 groepen die elk, jammer genoeg, maar enkele liedjes konden spelen. Maar hoe ! Het was pure klasse! Elke artiest heeft het beste van zichzelf gegeven en gezongen of gespeeld alsof het de laatste keer was.

Ricky Morvan, de oude rocker van 70 jaar, kan het nog altijd. Hij heeft van jetje gegeven en staan rocken als een pril veulen. Ook Red Zebra, Skov, Van Helsing (Henk en Chris van ex-Cowboys & Aliens) en alle anderen waren zeer in hun doen.


Na een optreden werd het podium zeer vlug klaar gezet voor de volgende groep en ondertussen werden we bezig gehouden met ludieke stukjes of filmpjes op het groot scherm achter het podium. Ik heb dikwijls van de gelegenheid gebruik gemaakt om een nieuw ‘flesje’ te gaan halen en de sigaret op te steken. In de zaal werd niet gerookt.

We hebben zeer veel vrienden gezien waarmee we staan praten (of lullen) hebben. Het was een leuk weerzien want tijdens de winter zijn er minder optredens of gaan we er niet naartoe. Gewoonlijk zien we elkaar terug op de Burg op 1 mei. Dit jaar was het vroeger.
Toch waren er enkele niet, die we daar zeker verwacht hadden en zij hebben iets gemist.
Ik heb je vader gezien, Stef, en ik heb hem gezegd dat ik zou zeggen dat hij met een watertje in zijn hand stond 😉
Ik heb gelukkig niet te veel last gehad van mijn sleutelbeen en kon goed slikken. De Rodenbachs zullen ook geholpen hebben, denk ik.
Na de optredens hebben we nog wat staan kletsen, onder andere met 2 Britten die hier zijn voor de film ‘In Bruges’. Zij doen de belichting en ik hoop dat ze vandaag niet moeten werken want de belichting zou niet te best zijn vandaag : ze waren nogal boven hun theewater. Niet gewoon aan ons bier, waarschijnlijk. Maar zeer vriendelijke kerels.

Met de avondbus zijn we naar huis gegaan en na nog ene gedronken het hebben in de Cohiba, recht over onze deur, zijn we in ons bedje gekropen. Het was toen 3 uur.
Moe maar gelukkig zijn we in slaap gevallen.
Bedankt MagNite voor een schitterende avond !
Advertenties

Hergè

Hergé, pseudoniem van Georges Remi (Etterbeek, 22 mei 1907 – Brussel, 3 maart 1983) was een Belgische striptekenaar. Als je de initialen van zijn naam omdraait (R G) en op z’n Frans uitspreekt, klinkt dat als er géé wat je in het Frans kunt schrijven als Hergé.

Hergé is, naast Franquin en Goscinny, een van de grote scheppers van de Europese humoristische avonturenstrip van halverwege de 20e eeuw. Zijn bekendste creatie is ongetwijfeld Tintin (in het Nederlands vertaald als Kuifje), een jonge krantenverslaggever die over de hele wereld in avonturen verzeild raakt.

Het grootste talent van Hergé was wellicht dat hij een begenadigd regisseur was. Dat komt tot uiting in de manier waarop zijn verhalen zijn opgebouwd en uitgebeeld. Vreemd is het dan ook niet dat groten uit de filmwereld, zoals Steven Spielberg, bewondering hadden voor Hergé. Spielberg gaf zelfs toe dat de figuur van Indiana Jones op de avonturen van “Kuifje” gebaseerd was.

In 1921 jonge Georges sluit zich aan bij de scouts van het college en krijgt er de totemnaam ‘Renard curieux’ (nieuwsgierige vos). Zijn eerste tekeningen verschijnen in ‘Jamais Assez’ (Nooit Genoeg), het scoutsblad van de school en later, vanaf 1923, in ‘’Le Boy-Scout belge’, het maandblad van de Belgische scouts. Vanaf 1924 ondertekent hij zijn illustraties met Hergé (RG, de initialen van Remi Georges). Wanneer hij in 1925 afgestudeerd is wordt hij aangeworven als bediende bij de abonnementendienst van het dagblad ‘Le Vingtième Siècle’. In 1926 creëert hij Totor, chef van de scoutspatrouille ‘Les Hannetons’ (de Meikevers), die een voorafbeelding is van Kuifje. Na zijn legerdienst wordt Hergé bevorderd tot hoofdredacteur van Le Petit “Vingtième”, de wekelijkse jeugdbijlage van ‘Le Vingtième Siècle’. Het eerste nummer verschijnt op 1 november. Op 10 januari 1929 zien Tintin et Milou (Kuifje en Bobbie) het licht in Le Petit “Vingtième”. Pas in 1930 schept hij Quick en Flupke, twee Brusselse straatbengels, wier fratsen op twee bladzijden verschijnen in Le Petit “Vingtième”. Datzelfde jaar verschijnt het eerste Kuifje-album ‘Tintin au pays des Soviets’. In 1932 trouwt Georges Remi met Germaine Kieckens, de secretaresse van de directeur van ‘Le Vingtième Siècle’. Voor het Franse weekblad ‘Coeurs vaillants’ creëert Hergé een nieuwe serie met nieuwe helden: Jo, Suus en Jokko. Van hun belevenissen zullen vijf albums op de markt komen. Op 26 september 1946 verschijnt het eerste nummer van het tijdschrift ‘Kuifje’, een nieuw weekblad voor de jeugd gecreëerd door de gewezen verzetsleider Raymond Leblanc. Omdat de uitwerking van ‘Mannen op de Maan’ de inzet van heel wat technische middelen, veel opzoekingswerk en bijzonder veel aandacht vergt, omringt Hergé zich vanaf 1950 met een aantal medewerkers en sticht hij de Studios Hergé. Nadat de echtscheiding van zijn eerste vrouw in 1977 officieel is uitgesproken, treedt Georges Remi in het huwelijk met Fanny Vlamynck. De Amerikaan Andy Warhol, één van de grondleggers van de pop-art, maakte in 1979 een reeks van vier portretten van Hergé. De vijftigste verjaardag van de ‘geboorte’ van Kuifje wordt zowat overal gevierd, o.m. met de uitgave van een speciale postzegel uitgegeven door de Belgische posterijen, met de expo ‘Het denkbeeldige museum van Kuifje’, met de uitgave van het album ‘Vijftig jaar kapriolen aan de ketting’, enz. Op 3 mei 1983 overlijdt Georges Remi, de man die wereldberoemd werd onder het pseudoniem Hergé. In 1986 volgde nog de publicatie van het laatste, onafgewerkte avontuur van Kuifje: ‘Kuifje en de Alfakunst’. Omdat Hergé expliciet de wil had uitgedrukt dat Kuifje na zijn overlijden niet aan een andere tekenaar mocht toevertrouwd worden, beslist zijn echtgenote Fanny om de toen nog bestaande Studios Hergé om te vormen tot de Stichting Hergé (Fondation). Terwijl het weekblad ‘Kuifje/Tintin’ houdt op te bestaan in 1988 verschijnt er in het Brussels metrostation Stokkel een fresco van twee keer 150 meter – op basis van een tekening van Hergé – met alle personages uit de reeks figureren.

Om zijn wat zwakkere tekenkwaliteit te maskeren, ontwikkelde Hergé een techniek die een eigen leven is gaan leiden: de klare lijn. In deze stijl worden niet of nauwelijks schaduwen of kleurverloop gebruikt en worden elementen van een tekening met duidelijke zwarte lijnen begrensd. Hergé besteedde veel zorg aan zijn tekeningen en dat valt eraan af te zien: heldere afbeeldingen waarin de actie in één oogopslag duidelijk is.

Hergé raakte in een politiek conflict betrokken toen hij het ware verhaal van de aanval van Japan op China in het Kuifje-album De Blauwe Lotus probeerde te vertellen. Weinigen in Europa hadden op dat moment van de ware toedracht gehoord.

De Blauwe Lotus is een keerpunt in de ontwikkeling van Kuifje. Dit was het eerste album waarin Hergé ook nauwgezet onderzoek deed naar de wereld waarin zijn verhalen zich afspeelde. Daarvoor verzon hij auto’s, schepen en gebouwen vaak zelf en maakte hij culturen en volken tot stereotypen.

Dankzij deze stereotypen en latere vergissingen, wordt Hergé nog vaak gezien als racist, temeer omdat hij Leon Degrelle, dé Belgische aanhanger van Hitler tijdens de Tweede Wereldoorlog, gekend heeft voor deze in de politiek stapte.
De net genoemde vergissingen haalde Hergé er bij de herwerkingen van zijn albums systematisch uit, al blijven ze hem achtervolgen. Zeker het voorval in De geheimzinnige ster, waarbij hij de naam Blumenstein liet vervangen in Bohlwinkel. Hergé wou de Joods klinkende naam van de schurk (met een behoorlijk ‘Joodse neus’) vervangen, maar de vervanging – wat gewoon Brussels is voor een soort snoepwinkel – bleek ook Joods te zijn.

Andere twijfelachtige kenmerken bleven ongeschonden, of werden vervangen door andere twijfelachtige kenmerken. Amerikanen waren de boeven in De geheimzinnige ster, die verscheen onder het toeziend oog van de Duitse bezetter, waardoor hem soms ook collaboratie met de nazi’s in de schoenen geschoven wordt. Ondanks dat het bewijs al meermaals geleverd is dat Hergé geen uitgesproken mening had over zulke zaken, blijven sommigen hem echter betichten van racisme en collaboratie.

In 2005 werd Hergé genomineerd als één van de 111 kansmakers op de titel “De Grootste Belg”. In de Vlaamse versie eindigde hij op nr. 24, in de Waalse op nr. 8. Hergé ligt begraven op de ‘Begraafplaats van Dieweg’ in Ukkel in Brussel.

Kuifje is de naam van de (fictieve) hoofdpersoon in een serie stripverhalen gemaakt Hergé. De eerste strip verscheen op 10 januari 1929. Het eerste stripalbum van Kuifje is Kuifje in het land van de Sovjets. De afbeeldingen zijn volledig in zwart-wit, latere albums zullen in kleur verschijnen. De oorspronkelijke, Franstalige naam van Kuifje was Tintin. De eerste vertalingen van Kuifje in het Nederlands verschenen pas tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Kuifje is een verslaggever die in Brussel woont. In zijn eerste avontuur gaat Kuifje voor journalistiek werk naar de Sovjet-Unie. Ook in Kuifje in Amerika gaat Kuifje op avontuur om verslag te doen. Kuifje is een beoefenaar van de bokssport en heeft een zeer brede interesse in politieke en wetenschappelijke zaken.

Vooral de eerste albums hebben een politieke lading maar er is ook zeker plaats voor humor. Deze balans is kenmerkend voor de Kuifje-strips. De afbeeldingen van auto’s, gebouwen, vliegtuigen en zelfs hele steden in de Kuifje-strips berusten allemaal op de werkelijkheid. Maar de studie en onderzoek die dit vergde kostte Herge een enorme hoeveelheid werk, waar hij geestelijk zelfs bijna aan onderdoor ging.

Ook werden enkele tekenfilms van speelfilmlengte gemaakt, en korte tekenfilms gebaseerd op de albums. In de jaren zestig verschenen er ook twee echte speelfilms over Kuifje, Het Geheim van het Gulden Vlies en De Blauwe Sinaasappels. De sfeer van de stripverhalen is daarin zeer goed te proeven.

Daarnaast verschenen onder meer ook heel wat nieuwe (Belgische) postzegels en boeken over Kuifje, en een nieuw album, Kuifje en de Alfa-kunst, waarin het onvoltooide laatste verhaal van Hergé (schetsen en pentekeningen) is opgenomen.

Van 1946 tot 1992 bestond er ook een stripweekblad met de naam Kuifje.

Kuifje-films zijn:

  • Kuifje en het Haaienmeer
  • Het Geheim van het Gulden Vlies
  • Kuifje en de Blauwe Sinaasappels

Van alle stripalbums (met uitzondering van Kuifje in het land van de Sovjets en Kuifje in Afrika) is een tekenfilmserie gemaakt. Er zijn vele parodieën op Kuifje gemaakt, meestal met een politieke of seksuele inhoud, bijvoorbeeld het album Kuifje in Zwitserland van Efdé. Verder duikt Kuifje zeer sporadisch op in andere stripverhalen, bijvoorbeeld in een avontuur van De 4 helden van François Craenhals.

Jo, Suus en Jokko is een stripreeks van Hergé, getekend in opdracht van het Franse tijdschrift Cœurs Vaillants. De opdracht was een stripreeks te maken rond een normale jongen met een gezin, een vader, moeder en zusje, en een huisdier. Men wou de jeugd niet alleen met Kuifje confronteren, die men op familiaal vlak geen voorbeeld vond, omdat er in de albums nergens familie van hem voorkomt, en dit stoorde de Franse redacteurs.

Hergé maakte dan uiteindelijk ook zo’n reeks, maar in vergelijking met Kuifje zijn de drie avonturen van Jo, Suus en het wel erg aparte huisdier – een chimpansee – Jokko (of Jocko) weinig zaaks. De kwaliteit wordt dan ook vaak betwist. Ook Hergé vond zich niet in deze opgelegde vorm van werken, en stopte na deze 3 avonturen (de eerste 2 zijn verspreid over elk 2 albums) dan ook met de reeks.

Albums

  1. Het testament van Mr. Pump
  2. Bestemming New York
  3. De Manitoba antwoordt niet meer
  4. De uitbarsting van de Karamako
  5. De Najavallei

Quick & Flupke is een strip van Hergé. In 1930 creëert Hergé met Quick & Flupke twee Brusselse straatbengels die kattenkwaad uithalen en wel altijd iets breken, in de war sturen of de plaatselijke politieagent zijn rustige ronde verstoren.

In de jaren tachtig komen er enkele nieuwe en hertekende strips van de hand van Johan De Moor, zoon van Bob De Moor, de vaste medewerker van Hergé. Er wordt ook een reeks zeer korte tekenfilms gemaakt.

Albums

  1. Verboden spelletjes
  2. Niks aan de hand
  3. Hoogspanning
  4. Alle zeilen bij
  5. Ieder op zijn beurt
  6. Erop of eronder
  7. Pardon, mevrouw
  8. Leve de vooruitgang
  9. Wat een ramp!
  10. Vuurwerk!
  11. Pure bluf
  12. Riemen vast

Chatten met bloggers.

Zoals elke zondag kan er ook deze avond weer gechat worden met andere bloggers. De chat start nog steeds om 21:00 (Belgische tijd uiteraard) en word nog steeds gemodereerd door de weledele Donder. Je bent ook in het bezit van een blog en wil wel eens nader kennis maken met andere blogger dan voeg je gewoon in MS Messenger blog_room@hotmail.com toe bij de contactpersonen. Misschien dan Veke, Annelien, Lizette, Diede, Cadillacman en Luc ook weer van de partij.